Column - Burgemeester kijkt -voor-uit naar Olympische Spelen: Ei-genlijk goud

08 feb , 9:54 Nieuws
jacco van der tak005
gemeente barneveld
Burgemeester Jacco van der Tak

Eens in de vier jaar wordt gestreden om ‘goud’. Voor alle sportliefhebbers breekt een geweldige tijd aan, want de 25e Olympische Winterspelen zijn in aantocht. Met meer dan 3.500 atleten uit ongeveer 200 verschillende landen. Noord-Italië, de steden Milaan en Cortina d’Ampezzo zijn de komende weken het decor van zwierende kunstschaatsers, razendsnelle skeletons, stoere snowboarders en natuurlijk onze eigen schaatshelden. 

TUSSEN EN OP DE LATTEN 

Zelf heb ik wel wat met sport. In mijn jeugd stond ik elk weekend ‘tussen de latten’. Op het voetbalveld, als keeper bij Excelsior Pernis. Samen met mijn broers speelde ik op enig moment in het eerste elftal. Dat was een leuke tijd. 

Vandaag de dag beleef ik nog steeds enorm veel plezier, maar dan vooral ‘op de latten’ (om van de skipiste af te gaan). Heerlijk het gevoel van vrijheid, de prachtige bergen, lekker buiten en in beweging te zijn. Sporten geeft energie en maakt blij. Het daagt je uit om grenzen te verleggen. Al laat sport je soms struikelen. Krijg je met teleurstellingen te maken. En ook daar leer je van; namelijk respect hebben voor de prestatie van de ander. En (hoe moeilijk ook) de realiteit onder ogen te zien… dat je soms simpelweg het nakijken hebt.

PINK PONG

Dat laatste heb ik ervaren toen ik deelnam aan een Jeugd Olympiade in Polen. Met een groep jongeren gingen we daar naartoe. Uiteraard na een goede voorbereiding op allerlei soorten sport. Van volleybal tot tennis. En van atletiek tot schaken. Alleen… had ik net daarvoor mijn pink gebroken met voetballen. Niet ideaal, maar ik wilde er het allerbeste van maken. Hardlopen ging nog wel prima. Tafeltennis was al lastiger en werd meer ‘pink zonder pong’. De schoolslag en borstcrawl onderdelen in het zwembad waren echter te lastig. En al met al waren mijn scores op alle onderdelen toch iets lager dan gehoopt. Maar goed, ik was er wel bij in Polen, meedoen wás eigenlijk mijn medaille in een (toen) voor mij nieuw land.

VISITEKAARTJE 

Bij de Olympische Spelen ligt dat natuurlijk net even anders. Daar draait het om sportieve topprestaties, om medailles, records en historie schrijven. Maar dat niet alleen. 

De Spelen brengen mensen bijeen over landsgrenzen. Bovendien is het een visitekaartje van een land, een visitekaartje voor de steden die het organiseren. Mooi dat sport op deze wijze ‘verbroedert’. Je in aanraking kan laten komen met andere culturen en mensen.  

ONVERGETELIJKE FAMILIE EEND

De Olympische Spelen hebben tot nu toe slechts één keer plaatsgevonden in Nederland. Dat waren de Zomerspelen in 1928 in Amsterdam.

Twee weken lang dompelde de hoofdstad zich onder in een wervelend sportfestijn, goed voor zes gouden medailles voor Nederland en tal van onvergetelijke momenten. Zoals het moment dat de Australische roeier Bobby Pearce midden in zijn kwartfinale stopte om een eendjesfamilie over te laten steken. Een ‘roeier met een groot hart’ — en ook nog eens een gouden, want hij won de race alsnog.

EI-GENLIJK GOUD

Tijdens de Spelen in 1928 liet ook Barneveld op geheel eigen wijze van zich horen. Ons dorp wist zich destijds internationaal op de kaart te zetten als hét kippendorp. Geen sprint, geen slalom, geen marathon… maar een promotiecampagne met vleugels. Boekjes in vijf talen, enorme aandacht en miljoenen verhandelde eieren later was Barneveld definitief geland. Je zou kunnen zeggen: waar anderen medailles wonnen, scoorde Barneveld ei-genlijk gewoon goud.

ONVERGETELIJKE INDRUK 

Sport verbindt — of het nu gaat om eendjes, eierpromotie of meedoen met een gebroken pink. 

Het gaat om grenzen verleggen, mensen bij elkaar brengen, te genieten van bijzondere prestaties en het achterlaten van een onvergetelijke indruk voor járen. Prachtig toch! Ik zou zeggen: ‘Let the Games begin!’

Column Burgemeester Jacco van der Tak